5 vragen aan...

Ons college van burgemeester en wethouders gaat over veel onderwerpen. In de rubriek ‘5 vragen aan’ bevragen we de wethouders over onderwerpen uit hun portefeuille. Op deze pagina leest u deze interviews.

Wethouder Didi Dorrestijn

Woningbouw in de gemeente Hardenberg

We weten dat veel mensen een woning zoeken. Of graag willen verhuizen naar een andere, meer passende woning. Daarom doen we ons best om snel voor nieuwe woningen te zorgen. Dat doen we samen met ontwikkelaars en de woningcorporatie.

Als gemeente bouwen we zelf geen woningen. Wel kopen we grond om nieuwe woongebieden te ontwikkelen. Dan zijn er verschillende mogelijkheden. We verkopen woningbouwkavels waar mensen zelf een woning kunnen laten bouwen. Of de woningcorporatie bouwt er sociale huurwoningen. Of we werken samen met ontwikkelaars. Zij bouwen dan woningen om te verkopen of te verhuren.

Het kost veel tijd om een woningbouwplan te maken. Het moet zo snel mogelijk, maar ook zorgvuldig gebeuren, en in overleg met de buurt. Woningbouw is voor de gemeente een van de belangrijkste onderwerpen. We besteden hier extra tijd en aandacht aan. En zetten extra personeel in, zodat we omgevingsplannen en vergunningen zo snel mogelijk rond hebben.

Het is ook nodig om vooruit te kijken. De plannen voor woningen die nu gebouwd worden, hebben we al jaren geleden gemaakt. We zijn nu al bezig met plannen voor woningbouw over enkele jaren. Zodat de bouw van nieuwe woningen doorgaat.

De nieuwe woningen zijn in eerste instantie voor onze inwoners die een huis zoeken. Veel mensen van buiten onze gemeente willen hier ook graag wonen. Dat is goed voor de voorzieningen, zoals winkels en scholen. En voor onze ondernemers die werknemers nodig hebben. Dus ook daar bouwen we voor.

De nieuwe woningen zijn voor allerlei groepen mensen:

  • jongeren
  • ouderen
  • gezinnen
  • alleenstaanden
  • mensen die zorg, ondersteuning of begeleiding nodig hebben

Nu alles steeds duurder wordt, letten we extra goed op betaalbaarheid. We doen onderzoek naar het soort woningen waar vraag naar is. Ook overleggen we met de plaatselijk belangen. Want zij weten goed wat er speelt in een dorp.

Ontwikkelaars die woningen bouwen, spelen natuurlijk ook goed in op de vraag. In de wijken die nu gebouwd worden, zie je ook steeds meer starterswoningen en woningen voor ouderen.

We houden in woningbouwplannen extra rekening met jongeren. We bieden steeds vaker kavels aan waar jongeren bijvoorbeeld zelf kleinere rijwoningen kunnen bouwen. Doordat ze samen bouwen, is het voor hun betaalbaar. Dit woningtype is er nog niet zoveel.

We zoeken ook naar plekken voor tijdelijke flexwoningen. Zoals de 50 modulaire woningen in Marslanden. Deze woningen bouwen we extra om de druk op de woningmarkt snel te verminderen. Zo regelen we dat jongeren toch op zichzelf kunnen gaan wonen.

Om starters financieel een steuntje in de rug te geven, is er ook de starterslening.

We hebben in Nederland afgesproken dat ongeveer een derde van alle nieuwbouwwoningen een sociale huurwoning is. In onze gemeente zorgt woningcorporatie Vechtdal Wonen daarvoor. Tot en met 2030 komen er ongeveer 950 sociale huurwoningen bij, ook in de kleinere dorpen. Het gaat om woningen in nieuwe woongebieden.

Vechtdal Wonen bouwt vaak ook méér woningen terug als ergens oude huurwoningen gesloopt worden. Ook onderzoekt Vechtdal Wonen samen met ons of het splitsen van woningen of het bouwen van extra verdiepingen mogelijk is.

Ook ontwikkelaars bouwen huurwoningen. Dit doen ze in nieuwe woongebieden, maar bijvoorbeeld ook in de centra of boven winkels.

Wethouder Alwin Mussche

De gemeentelijke opvang van Oekraïners

Vanaf februari 2022 zijn miljoenen mensen uit Oekraïne gevlucht voor de oorlog met Rusland. In de Europese Unie is afgesproken dat deze mensen in ieder geval tot en met maart 2026 in EU-lidstaten mogen wonen. En dat ze in die periode recht hebben op opvang, medische zorg, werk en onderwijs.

Veel Oekraïners zijn naar Nederland gekomen. De Rijksoverheid heeft alle gemeenten gevraagd om opvangplekken te regelen. Dat hebben we in de gemeente Hardenberg vanaf het begin gedaan. Niet alleen omdat het moet, maar ook omdat we hiervoor onze verantwoordelijkheid willen nemen.

In het voorjaar van 2022 openden we twee gemeentelijke opvanglocaties. Er is een opvanglocatie in het vroegere ING-gebouw in Hardenberg. Ook in het schoolgebouw Het Talent in Dedemsvaart wonen Oekraïners.

Maar er waren meer plekken nodig. Daarom deden we een oproep om met ons mee te denken over geschikte plekken. We kregen veel reacties. In januari 2024 openden we een derde opvanglocatie aan de Zuidwolderstraat in Dedemsvaart. Hier staan woonunits. Sinds de zomer van 2024 wonen er ook Oekraïners in woonunits in Oud-Bergenheim.

In september 2025 telt de gemeente Hardenberg 7 gemeentelijke opvanglocaties met in totaal 477 bedden.

Meer informatie over gemeentelijk opvang

Bij een tijdelijke opvanglocatie in een gebouw, passen we het gebouw zo nodig aan om het geschikt te maken. De bewoners delen hier de keuken, wc en badkamer.

Als we een terrein inrichten, plaatsen we woonunits. In een woonunit kunnen 4 tot 6 mensen wonen. Deze units hebben een keuken, woonkamer, slaapkamers en een badkamer. Deze plekken zijn dus erg geschikt voor gezinnen.

De mensen wonen hier zelfstandig. Wel zorgen we voor begeleiding en maken we de mensen wegwijs in onze gemeente. Ook helpen we bij het leren van de taal en het vinden van een baan. Zo kunnen de mensen die er wonen zo snel mogelijk meedoen in onze samenleving.

We zien dat de meeste Oekraïners gelukkig al snel hun draai vinden in onze gemeente. Veel mensen hebben zelfs al een baan gevonden.

We krijgen geld van het Rijk om de opvang voor Oekraïners te regelen. Als we een opvanglocatie inrichten, vragen we vooraf geld aan het Rijk. Het Rijk betaalt het grootste deel van de kosten. Dit noemen we ‘transitiekosten’. 

Daarnaast krijgen we van het Rijk € 61 per dag per plek. Hier betalen we alle dagelijkse kosten van. Denk aan leefgeld voor Oekraïners die nog geen werk hebben. Maar ook de vaste kosten, bijvoorbeeld voor elektriciteit en water. Ook betalen we de begeleiding van de mensen van dit geld. 

Als we daarna nog geld overhouden, gebruiken we dat voor bijvoorbeeld het organiseren van de opvang. Of voor kosten die we maken om de mensen aan een baan te helpen. Onder de streep kost het opvangen van mensen uit Oekraïne de gemeente dus geen geld. 

Sinds 2025 vragen we aan Oekraïners die werken en die in een gemeentelijke opvanglocatie wonen een eigen bijdrage. Zij betalen dan € 105 per maand per persoon of € 210 per gezin. We verrekenen deze eigen bijdrage met het geld dat we van het Rijk krijgen.

Er zijn nog meer plekken nodig. Want er is helaas nog geen zicht op het einde van de oorlog in Oekraïne. Er komen dus nog steeds mensen uit Oekraïne naar Nederland. Wel merken we dat het steeds moeilijker wordt om opvangplekken te vinden. Daarom vragen we in Nederland vluchtelingen uit Oekraïne om zelf woonruimte te regelen als dat mogelijk is.

Voor de mensen die dat niet lukt, zijn nog steeds plekken nodig. De Rijksoverheid verwacht (op peildatum 1 januari 2025) dat er 120.000 gemeentelijke opvangplekken nodig zijn. Wij moeten dan 712 plekken regelen. Wij blijven daarom zoeken naar plekken waar we een opvanglocatie kunnen inrichten. We letten daarbij goed op dat mensen er zelfstandig kunnen wonen en voldoende privacy hebben.

Mensen die een idee hebben, kunnen zich bij ons melden. We gaan dan eerst kijken of een plek echt geschikt is en of het haalbaar is. Als dat zo is, informeren we de buurt en werken we het plan uit. Als het écht kan, besluiten we als college van B&W om de locatie in te richten.