Stap 1: Tel 1 keer een half uur de vogels in uw tuin of balkon.
Tel een half uur de vogels. Vliegen de vogels alleen maar over uw tuin? Dan rekent u die niet mee. U kunt ook samen tellen met uw klas, op de kinderboerderij of met een andere groep.
Tip: zitten er veel vogels dicht op elkaar bij een voedertafel of silo? Maak een foto met uw telefoon. Dan kan u na het half uur rustig controleren hoeveel vogels het zijn.
Stap 2: Schrijf alle waarnemingen op van een soort in uw tuin of balkon.
Geef alleen het hoogste aantal door van een soort die u tegelijk zag. Een voorbeeld: ziet u in dat halfuur 3 koolmezen tegelijk en even later 5 koolmezen? Dan geeft u door: 5 koolmezen.
Stap 3: Geef de telling tussen vrijdag 30 januari en zondag 1 februari door.
Dit kan u doen via de web-app van de Vogelbescherming.
