Mandaatbesluit 2017 directeur Omgevingsdienst IJsselland

Originele publicatie downloaden:
Download het PDF bestand
Link naar originele publicatie:
Deze link gaat naar een andere site
Type bekendmaking:
Overige besluiten van algemene strekking
Publicatiedatum:
18-03-2019



Mandaatbesluit 2017 directeur Omgevingsdienst IJsselland

Het dagelijks bestuur en de voorzitter van Omgevingsdienst IJsselland, elk voor

zover het zijn bevoegdheden betreft;

Overwegingen

  • de wettelijke grondslag ligt in de Wet gemeenschappelijke regelingen (artikelen 57b en 57d) en in hoofdstuk 10 van de Algemene wet bestuursrecht

 

BESLUITEN

 

het Mandaatbesluit voor Omgevingsdienst IJsselland vast te stellen:

 

MANDAATBESLUIT

Mandaat, volmacht en machtiging

Artikel 1 Verlening mandaat, volmacht en machtiging; ondertekening

  • 1.

    Het dagelijks bestuur verleent mandaat, machtiging respectievelijk volmacht aan de directeur van de Omgevingsdienst, om besluiten te nemen ter uitoefening van de in bijlage 1 bij dit besluit genoemde bestuurs- en beheersbevoegdheden, het verrichten van daarmee verbonden rechtshandelingen en het verrichten van daarmee samenhangende feitelijke handelingen.

  • 2.

    De voorzitter verleent mandaat, machtiging respectievelijk volmacht aan de directeur van de Omgevingsdienst, om besluiten te nemen ter uitoefening van de in bijlage 1 genoemde bestuurs- en beheersbevoegdheden, het verrichten van daarmee verbonden rechtshandelingen en het verrichten van daarmee samenhangende feitelijke handelingen.

  • 3.

    Het verleende mandaat omvat tevens de bevoegdheid tot ondertekening van de krachtens het mandaat genomen besluiten, tenzij daarvoor een andere functionaris is aangewezen.

  • 4.

    Documenten die krachtens mandaat worden afgehandeld worden ondertekend met 'namens het dagelijks bestuur respectievelijk de voorzitter', gevolgd door de naam en de functie van de gemandateerde.

Artikel 2 Algemene beleidsregels, beperkingen en voorwaarden

De uitoefening van het mandaat, de machtiging en de volmacht, bedoeld in artikel 1

  • 1.

    is gericht op de realisering van wettelijk vastgestelde taken en regels en/of van beleidsdoelen, opgenomen in het vastgestelde beleidsplan, en geschiedt met inachtneming van het ter zake geldende recht;

  • 2.

    gebeurt binnen de financiële middelen, zoals beschikbaar gesteld in de vastgestelde programmabegroting en voor zover deze middelen niet zijn uitgeput;

  • 3.

    vindt plaats overeenkomstig de vastgesteld of bestaand afspraken inzake de realisatie van de taken van de Omgevingsdienst.

Artikel 6 Vervanging

  • 1.

    Bij afwezigheid of verhindering van de gemandateerde gaat het mandaat, de machtiging of de volmacht over op zijn plaatsvervanger of, bij gebreke van een functionele plaatsvervanger, op de naast hogere functionaris.

  • 2.

    Indien de uitoefening van een gemandateerde bevoegdheid de persoon, functie of enig ander belang van de gemandateerde zelf betreft, gaat het mandaat over op de naast hogere functionaris.

Artikel 7 Informatieplicht

  • 1.

    De gemandateerde stelt het dagelijks bestuur respectievelijk de voorzitter in kennis van in mandaat genomen besluiten waarvan hij moet aannemen dat kennisneming van belang is.

  • 2.

    Het dagelijks bestuur respectievelijk de voorzitter kunnen zich door de gemandateerde laten informeren over in mandaat genomen besluiten.

Artikel 8 Ondermandaat

  • 1.

    Verlening van ondermandaat aan medewerkers van de Omgevingsdienst is toegestaan.

  • 2.

    De directeur van de Omgevingsdienst ontvangt een exemplaar van besluiten tot verlening van ondermandaat.

  • 3.

    Documenten die krachtens ondermandaat worden afgehandeld worden ondertekend met 'namens het dagelijks bestuur respectievelijk de voorzitter', gevolgd door de functie van de gemandateerde, aangevuld met 'voor deze', gevolgd door de naam en de functie van de gemandateerde.

Artikel 9 Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking op 16 november 2017.

Artikel 10 Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als 'Mandaatbesluit 2017 Omgevingsdienst IJsselland'.

 

 

 

 

 

 

 

 

Aldus besloten op 16 november 2017

Ondertekening

mr. drs. B. Koelewijn P.J. van Zanten

voorzitter secretaris

Bijlage 1  

Algemene mandaten directeur

Mandaatgever |Dagelijks Bestuur Omgevingsdienst IJsselland en de Voorzitter

Mandaat aan |De directeur

Nr.

Omschrijving bevoegdheid:

Ondermandaat aan:

Specifieke bepalingen:

1.

Het toewijzen van taken aan de teams van de ambtelijke organisatie van de omgevingsdienst als bedoeld in artikel 3.1 organisatieregeling OD IJsselland

 

 

2.

Het vaststellen van functiebeschrijvingen, met uitzondering van die van de directeur

 

 

3.

Het vaststellen van functiewaarderingen, met uitzondering van die van de directeur

 

 

4.

Het aanwijzen van ambtenaren om andere werkzaamheden te aanvaarden ten tijde van oorlog, oorlogsgevaar of andere buitengewone omstandigheden (artikel 15:1:11, lid 1 en 2, CAR-UWO).

 

 

5.

Het verlenen van toestemming voor het aannemen van goederen, beloningen, giften of beloften van derden (art. 15:1:c CAR-UWO), met uitzondering van goederen, beloningen, giften of beloften van derden die aan de directeur worden aangeboden.

 

 

6.

Besluiten en feitelijke handelingen ter uitvoering van de Arbeidsomstandighedenwet en de daarop gebaseerde reqelqevinq,

 

 

7.

Het beslissen omtrent het toepassen van bevoegdheden niet elders genoemd, in personele aangelegenheden ten aanzien van alle medewerkers met uitzondering van de directeur.

 

 

8.

Het beslissen op klachten over medewerkers van de OD met uitzondering van de directeur

 

 

9.

Personele aangelegenheden ten aanzien van de teammanagers.

 

 

10.

Besluiten en feitelijke handelingen ter uitvoering van de Arbeidsomstandighedenwet en de daarop gebaseerde regelgeving, ten aanzien van de teammanagers.

 

 

11.

Het in zeer bijzondere gevallen geven van toestemming aan een medewerker om meer verlofuren te verkopen of kopen dan op grond van de CAR-UWO mogelijk is.

 

Aanleiding en concrete invulling wordt bepaald in overleg met de medewerker, de direct leidinggevende en de adviseur HRM

12.

In voorkomende gevallen Personele aangelegenheden ten aanzien van medewerkers.

 

 

13.

Besluiten en feitelijke handelingen ter uitvoering van de Arbeidsomstandighedenwet en de daarop gebaseerde regelgeving, ten aanzien van de teammanagers.

 

 

14.

Het vertegenwoordigen van de OD in en buiten rechte (opdracht van de voorzitter ex art. 24, lid 1 onder b GR).

 

 

15.

Het besluiten tot het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen waarbij verplichtingen worden aangegaan ten behoeve van de organisatie van de OD (mandaat van DB) en het vertegenwoordigen van de OD bij het verrichten van deze rechtshandelingen (machtiging van de voorzitter).

 

binnen het middels een goedgekeurde begroting en beschikbaar gestelde budget en met inachtneming van de budgethoudersregeling;

Onder het mandaat wordt mede begrepen de aanschaf van e-Herkenningsmiddelen, boeken en abonnementen, en het wijzigen en opzeggen van abonnementen.

 

16.

Het voeren van algemene correspondentie, niet gericht op rechtsgevolgen, zoals het doen van feitelijke mededelingen en het verstrekken van informatie.

 

 

17.

Het voeren van correspondentie, niet gericht op rechtsgevolgen, ter voorbereiding of uitvoering van besluiten.

 

 

18.

Het uitvoeren van de terugbetalingsverplichting in het kader van verleende studiekostenfaciliteiten.

 

 

19.

Het doen van aangifte afdrachten in het kader van Loonheffing / IZA / ABP / Loyalis en overiqe bedrijfstak eiqen regelingen.

 

 

20.

Het besluiten tot het aangaan, verlengen, opzeggen etc. van overeenkomsten (mandaat van college) en het vertegenwoordigen van de OD bij het ondertekenen etc. van die overeenkomsten (machtiging van de voorzitter).

 

 

21.

Het ten behoeve van de OD opnemen / uitzetten van kasmiddelen in de vorm van call- en/of kasgeldleningen.

 

 

22.

Het besluiten tot het afsluiten, wijzigen, verlengen of beëindigen van een verzekering (mandaat van het DB) en het vertegenwoordigen van de gemeente daarbij (machtiging van de voorzitter).

 

 

23.

Het beslissen op schadeverzoeken waarvoor geen dekking is.

 

 

24.

Het aanmelden bij de verzekeraar en het afwikkelen van schadegevallen waarvoor een verzekering is afgesloten en vallende binnen de dekking.